
Bomen vol bladeren.
De wind blaast vrolijk
zijn lied.
En schud het boomblad
er met duizenden eraf.
Zie ze dwarrelen naar
beneden.
Liggend op de grond
verrottend in hun
verdwijnend goudbruine
pracht.
Van iets tot niets, gelijk
op dezelfde manier waarop
het van niets tot iets begon.